Woordenlijst: Belasting- en Salarisbegrippen
Geschreven door Mottalib Radif·MBA INSEAD · Gepassioneerd door Nederlandse financiën
Van arbeidskorting tot ZZP: deze woordenlijst verklaart de belangrijkste Nederlandse belasting- en salarisbegrippen in begrijpelijke taal. Of je nu je loonstrookje wilt begrijpen, je belastingaangifte voorbereidt of als ondernemer je fiscale verplichtingen in kaart brengt, hier vind je duidelijke definities van alle relevante termen.
A
AOW (Algemene Ouderdomswet)
De AOW is het Nederlandse basispensioen dat iedereen ontvangt vanaf de AOW-leeftijd. De AOW wordt gefinancierd via premies volksverzekeringen die je betaalt via de loonheffing. De hoogte hangt af van het aantal jaren dat je in Nederland hebt gewoond of gewerkt.
Arbeidskorting
De arbeidskorting is een heffingskorting voor werkenden die direct van je te betalen belasting wordt afgetrokken. De hoogte is inkomensafhankelijk: bij een middeninkomen is de korting het hoogst, bij hogere inkomens wordt deze afgebouwd. Je werkgever past de arbeidskorting maandelijks toe op je loonstrookje.
Algemene heffingskorting
De algemene heffingskorting is een belastingkorting waar iedere belastingplichtige recht op heeft. De korting wordt afgebouwd naarmate je inkomen stijgt. Samen met de arbeidskorting vormt deze de belangrijkste heffingskortingen in box 1.
Alimentatie
Alimentatie is een financiele bijdrage aan je ex-partner of kinderen na een scheiding. Betaalde partneralimentatie is aftrekbaar in je belastingaangifte, terwijl ontvangen alimentatie belast wordt als inkomen in box 1.
Anw (Algemene nabestaandenwet)
De Anw is een volksverzekering die een uitkering biedt aan nabestaanden van een overleden partner. De premie voor de Anw is onderdeel van de premies volksverzekeringen die via de loonheffing worden ingehouden.
B
Belastingschijf
Een belastingschijf is een inkomensklasse met een vast belastingtarief. Nederland kent in box 1 meerdere schijven: een lager tarief voor inkomens tot een bepaalde grens en een hoger tarief daarboven. Hoe meer je verdient, hoe hoger het marginale tarief over het extra inkomen.
Bijdrage Zvw
De bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) is een inkomensafhankelijke premie die je betaalt voor de basisverzekering tegen ziektekosten. Je werkgever draagt deze af als werkgeversheffing Zvw. ZZP'ers betalen zelf de bijdrage Zvw over hun winst.
Bijtelling
Bijtelling is het bedrag dat bij je inkomen wordt opgeteld als je een auto van de zaak ook privé mag gebruiken. Het bijtelpercentage is afhankelijk van de CO2-uitstoot van de auto en wordt berekend over de cataloguswaarde. Voor elektrische auto's geldt een lager percentage.
Box 1 (inkomen uit werk en woning)
Box 1 omvat je inkomen uit loondienst, pensioen, uitkeringen, winst uit onderneming en het eigenwoningforfait minus hypotheekrente. Over dit inkomen betaal je inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen volgens het schijvenstelsel.
Box 2 (inkomen uit aanmerkelijk belang)
Box 2 belast inkomsten uit een aanmerkelijk belang, zoals dividend en verkoopwinst van aandelen in een BV waarvan je minimaal 5% bezit. Het tarief is een vast percentage dat lager ligt dan het toptarief in box 1.
Box 3 (inkomen uit sparen en beleggen)
Box 3 belast je vermogen boven het heffingsvrij vermogen. De Belastingdienst berekent een forfaitair rendement op basis van de verdeling over spaargeld, beleggingen en schulden, en belast dit tegen een vast tarief van 36%.
Bruto salaris
Het bruto salaris is je loon vóór aftrek van belastingen, premies en pensioenbijdragen. Dit is het bedrag dat in je arbeidsovereenkomst staat. Na inhouding van loonheffing, premies werknemersverzekeringen en pensioen ontvang je je netto salaris.
BTW (belasting over de toegevoegde waarde)
BTW is een indirecte belasting die wordt geheven op de verkoop van goederen en diensten. Nederland kent drie tarieven: 0%, 9% (verlaagd) en 21% (standaard). Ondernemers dragen BTW af maar mogen eerder betaalde BTW op inkopen verrekenen.
E
Effectief belastingtarief
Het effectief belastingtarief is het werkelijke percentage belasting dat je betaalt over je totale inkomen, na toepassing van alle aftrekposten en heffingskortingen. Dit ligt doorgaans lager dan het marginale tarief van je hoogste belastingschijf.
Eigenwoningforfait
Het eigenwoningforfait is een percentage van de WOZ-waarde van je koopwoning dat je bij je inkomen in box 1 moet optellen. Het is een fictief inkomen uit je eigen woning. Hier staat tegenover dat je de hypotheekrente mag aftrekken.
H
Heffingskorting
Een heffingskorting is een korting op de te betalen inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen. De belangrijkste zijn de algemene heffingskorting en de arbeidskorting. Heffingskortingen verlagen direct het bedrag aan belasting dat je verschuldigd bent.
Huurtoeslag
Huurtoeslag is een toeslag van de overheid voor huurders met een laag inkomen en een huur onder de liberalisatiegrens. De hoogte hangt af van je inkomen, de huurprijs en je huishoudsamenstelling. Je vraagt huurtoeslag aan via toeslagen.nl.
Hypotheekrenteaftrek
De hypotheekrenteaftrek is een fiscale regeling waarmee je de rente op je hypotheek mag aftrekken van je belastbaar inkomen in box 1. Het maximale aftrektarief wordt jaarlijks verlaagd. De aftrek geldt alleen voor de hypotheek op je hoofdverblijf.
I
Inkomstenbelasting
Inkomstenbelasting is de belasting die je betaalt over je inkomen in box 1, 2 en 3. De hoogte hangt af van de soort inkomsten en het belastbaar bedrag. Je doet jaarlijks belastingaangifte bij de Belastingdienst om de definitieve aanslag te laten vaststellen.
IACK (inkomensafhankelijke combinatiekorting)
De IACK is een heffingskorting voor alleenstaande ouders of de minstverdienende partner met een kind jonger dan 12 jaar. De korting is bedoeld om de combinatie van werk en zorg voor kinderen te stimuleren en is afhankelijk van je arbeidsinkomen.
J
Jaarruimte
De jaarruimte is het maximale bedrag dat je fiscaal aftrekbaar mag storten in een lijfrenteverzekering of bankspaarproduct. De berekening is gebaseerd op je inkomen en je pensioenopbouw. Door gebruik te maken van de jaarruimte bouw je extra pensioen op met belastingvoordeel.
K
Kinderbijslag
Kinderbijslag is een kwartaalbijdrage van de overheid voor ouders met kinderen tot 18 jaar. Het bedrag hangt af van de leeftijd van het kind en wordt automatisch uitbetaald door de SVB. Kinderbijslag is niet inkomensafhankelijk.
Kinderopvangtoeslag
Kinderopvangtoeslag is een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang voor werkende ouders. De hoogte hangt af van je inkomen, het aantal kinderen en het uurtarief van de opvang. Je vraagt de toeslag aan via toeslagen.nl.
Kindgebonden budget
Het kindgebonden budget is een inkomensafhankelijke toeslag voor ouders met kinderen tot 18 jaar. In tegenstelling tot kinderbijslag is het kindgebonden budget afhankelijk van je inkomen en vermogen. Alleenstaande ouders ontvangen een hoger bedrag.
L
Loonbelasting
Loonbelasting is de belasting die je werkgever inhoudt op je salaris en afdraagt aan de Belastingdienst. Het is een voorheffing op de inkomstenbelasting. Bij je jaarlijkse belastingaangifte wordt de definitieve belasting berekend en verrekend met de al ingehouden loonbelasting.
Loonheffing
Loonheffing is de verzamelnaam voor loonbelasting en premies volksverzekeringen die je werkgever inhoudt op je salaris. Op je loonstrookje zie je de loonheffing als de grootste inhouding op je bruto loon.
Loonstrook
Een loonstrook (ook: salarisstrook) is een overzicht dat je werkgever verstrekt bij elke salarisbetaling. Hierop staan je bruto salaris, inhoudingen (loonheffing, premies, pensioen) en het netto bedrag dat je ontvangt. Je werkgever is wettelijk verplicht een loonstrook te verstrekken.
M
Minimumloon
Het minimumloon is het wettelijk vastgestelde minimale uurloon dat een werkgever moet betalen aan werknemers van 21 jaar en ouder. Het bedrag wordt halfjaarlijks aangepast. Voor jongere werknemers geldt een minimumjeugdloon als percentage van het volwassen minimumloon.
MKB-winstvrijstelling
De MKB-winstvrijstelling is een aftrekpost voor ondernemers in de inkomstenbelasting. Een percentage van de restwinst (na aftrek van de ondernemersaftrek) is vrijgesteld van belasting. De vrijstelling geldt voor alle IB-ondernemers, ongeacht de grootte van de onderneming.
Motorrijtuigenbelasting
Motorrijtuigenbelasting (MRB, ook wel wegenbelasting) is een belasting die je betaalt voor het bezit van een motorvoertuig. De hoogte hangt af van het gewicht, de brandstofsoort en de provincie waarin je woont. Elektrische auto's zijn tot een bepaald jaar vrijgesteld.
N
Netto salaris
Het netto salaris is het bedrag dat je daadwerkelijk op je bankrekening ontvangt na aftrek van loonheffing, premies werknemersverzekeringen, pensioenbijdrage en eventuele andere inhoudingen op je bruto salaris.
P
Premies volksverzekeringen
Premies volksverzekeringen zijn verplichte premies voor de AOW, Anw en Wlz. Ze worden samen met de loonbelasting ingehouden als onderdeel van de loonheffing. De premies worden berekend over je inkomen in de eerste belastingschijf.
Pensioenopbouw
Pensioenopbouw is het sparen voor je aanvullend pensioen bovenop de AOW. De meeste werknemers bouwen via hun werkgever pensioen op bij een pensioenfonds. De pensioenpremie wordt ingehouden op je bruto salaris en is fiscaal aftrekbaar.
S
Spaarloonregeling (historisch)
De spaarloonregeling was een fiscale regeling waarbij werknemers een deel van hun brutoloon belastingvrij konden sparen. De regeling is per 1 januari 2012 afgeschaft en vervangen door de vitaliteitsregeling, die later ook is beëindigd.
Studiefinanciering
Studiefinanciering is een financiële ondersteuning van de overheid voor studenten in het hoger onderwijs. Het bestaat uit een basisbeurs (voor studenten uit huishoudens met een lager inkomen), aanvullende beurs, OV-studentenkaart en de mogelijkheid tot lenen.
T
Toeslagen
Toeslagen zijn inkomensafhankelijke tegemoetkomingen van de overheid, zoals zorgtoeslag, huurtoeslag, kinderopvangtoeslag en kindgebonden budget. Je inkomen, vermogen en gezinssituatie bepalen of en hoeveel toeslag je ontvangt. Je vraagt toeslagen aan via toeslagen.nl.
30%-regeling (Dertig-procentregeling)
De 30%-regeling is een fiscale regeling voor werknemers die vanuit het buitenland naar Nederland komen om te werken. De werkgever mag maximaal 30% van het loon onbelast uitkeren als vergoeding voor extraterritoriale kosten. De regeling geldt maximaal vijf jaar.
V
Vakantiegeld
Vakantiegeld (vakantiebijslag) is een jaarlijkse uitkering van minimaal 8% van je bruto jaarsalaris. De meeste werkgevers betalen het vakantiegeld in mei uit. Het vakantiegeld is belast inkomen en valt onder de loonheffing.
Vermogensbelasting (Box 3)
In Nederland bestaat geen aparte vermogensbelasting, maar vermogen wordt belast via box 3 van de inkomstenbelasting. Vermogen boven het heffingsvrij vermogen wordt belast op basis van een forfaitair rendement tegen een vast tarief.
Volksverzekeringen
Volksverzekeringen zijn sociale verzekeringen die gelden voor iedereen die in Nederland woont of werkt. Het betreft de AOW (ouderdomspensioen), Anw (nabestaandenuitkering) en Wlz (langdurige zorg). De premies worden via de loonheffing geïnd.
W
Werkgeverslasten
Werkgeverslasten zijn de kosten die een werkgever bovenop het bruto salaris betaalt, zoals premies werknemersverzekeringen (WW, WIA, ZW), de werkgeversheffing Zvw, pensioenpremie en vakantiegeld. De totale werkgeverslasten bedragen doorgaans 20-30% bovenop het bruto salaris.
Werknemersverzekeringen
Werknemersverzekeringen zijn verplichte sociale verzekeringen voor werknemers in loondienst, waaronder de WW (werkloosheid), WIA (arbeidsongeschiktheid) en ZW (ziekte). De premies worden betaald door de werkgever en zijn onderdeel van de werkgeverslasten.
Wlz (Wet langdurige zorg)
De Wlz is een volksverzekering die zorg vergoedt voor mensen die blijvend intensieve zorg nodig hebben, zoals ouderen in een verpleeghuis. De Wlz-premie is onderdeel van de premies volksverzekeringen en wordt via de loonheffing ingehouden.
WW (Werkloosheidswet)
De WW biedt een tijdelijke uitkering aan werknemers die onvrijwillig werkloos worden. De duur van de uitkering hangt af van je arbeidsverleden. De WW-premie wordt betaald door je werkgever als onderdeel van de werknemersverzekeringen.
WIA (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen)
De WIA biedt een uitkering aan werknemers die na twee jaar ziekte nog steeds (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt zijn. De WIA kent twee regelingen: WGA (bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid) en IVA (bij volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid).
Z
Zelfstandigenaftrek
De zelfstandigenaftrek is een fiscale aftrekpost voor zelfstandig ondernemers (ZZP'ers) die voldoen aan het urencriterium van minimaal 1.225 uur per jaar. Het aftrekbedrag wordt jaarlijks verlaagd en wordt afgetrokken van de winst uit onderneming.
Zorgtoeslag
Zorgtoeslag is een inkomensafhankelijke bijdrage van de overheid in de kosten van de zorgverzekering. De hoogte hangt af van je inkomen en of je een toeslagpartner hebt. Je vraagt zorgtoeslag aan via toeslagen.nl.
Zvw (Zorgverzekeringswet)
De Zvw regelt de verplichte basisverzekering tegen ziektekosten in Nederland. Iedereen die in Nederland woont of werkt is verplicht een basisverzekering af te sluiten. Naast de nominale premie aan je verzekeraar betaal je een inkomensafhankelijke bijdrage Zvw.
ZZP (zelfstandige zonder personeel)
Een ZZP'er is een ondernemer die voor eigen rekening en risico werkt zonder personeel in dienst te hebben. ZZP'ers betalen zelf inkomstenbelasting en premies, en kunnen gebruikmaken van ondernemersaftrekken zoals de zelfstandigenaftrek en de MKB-winstvrijstelling.