Ga naar inhoud

Heffingskortingen Berekenen 2026

Ontdek welke heffingskortingen voor jou gelden en hoeveel belastingvoordeel je krijgt. Inclusief afbouwberekening per korting.

Totaal heffingskortingen per jaar

€ 8.034,33

Per maand: € 669,53

Overzicht heffingskortingen

Algemene heffingskorting€ 2.458,31
€ 0,00max € 3.115,00
Arbeidskorting€ 5.576,02
€ 0,00max € 5.685,00
IACK€ 0,00
€ 0,00max € 3.032,00

Samenvatting

KortingPer jaarPer maand
Algemene heffingskorting€ 2.458,31€ 204,86
Arbeidskorting€ 5.576,02€ 464,67
IACK (inkomensafhankelijke combinatiekorting)(niet van toepassing)€ 0,00€ 0,00
Totaal heffingskortingen€ 8.034,33€ 669,53

Deze tool biedt schattingen op basis van de belastingtarieven 2026. Raadpleeg een belastingadviseur voor je specifieke situatie.

Disclaimer: Deze berekening is indicatief en dient niet als financieel advies. Hoewel we streven naar nauwkeurigheid op basis van de belastingregels voor 2026, kunnen individuele omstandigheden afwijken. Raadpleeg een belastingadviseur voor uw specifieke situatie.

Wat zijn heffingskortingen?

Heffingskortingen zijn een fundamenteel onderdeel van het Nederlandse belastingstelsel. Ze vormen een directe korting op de belasting die je verschuldigd bent. Anders dan aftrekposten, die je belastbaar inkomen verlagen, verlagen heffingskortingen het daadwerkelijke bedrag aan belasting dat je moet betalen. Dit maakt heffingskortingen bijzonder waardevol: elke euro heffingskorting is een euro minder belasting. In Nederland heeft vrijwel iedereen met inkomen recht op een of meerdere heffingskortingen. De twee belangrijkste zijn de algemene heffingskorting (voor iedereen) en de arbeidskorting (voor werkenden). Er bestaan ook specifieke kortingen voor ouders met jonge kinderen, ouderen en jonggehandicapten. De algemene heffingskorting bedraagt maximaal 3.115 euro en de arbeidskorting maximaal 5.685 euro in 2026; beide worden boven een inkomensgrens afgebouwd, wat het marginale tarief in het middensegment merkbaar verhoogt.

Algemene heffingskorting 2026

De algemene heffingskorting is de basiskorting waar elke belastingplichtige in Nederland recht op heeft. In 2026 bedraagt het maximum €3.115. Deze korting wordt echter afgebouwd naarmate je meer verdient:

  • Bij een inkomen tot €29.736 ontvang je het volledige bedrag van €3.115.
  • Bij een inkomen tussen €29.736 en €78.427 wordt de korting afgebouwd met 6,398% per euro boven €29.736.
  • Bij een inkomen van €78.427 of hoger is de korting nihil (nul).

De afbouw werkt als volgt: voor elke euro die je meer verdient dan €29.736, gaat er €0,06398 van je algemene heffingskorting af. Bij een inkomen van €50.000 is de korting al gedaald tot €1.819. Bij €70.000 resteert nog slechts €536.

Voor AOW-gerechtigden gelden lagere bedragen. De maximale algemene heffingskorting is dan €1.556, met een afbouwpercentage van 3,195%. De afbouwgrenzen zijn dezelfde.

Arbeidskorting 2026

De arbeidskorting is specifiek bedoeld voor werkenden en is daarmee een stimulans om te werken. Met een maximum van €5.685 is het de hoogste heffingskorting in 2026. De arbeidskorting kent een uniek patroon van opbouw en afbouw in vier stappen:

Stap Arbeidsinkomen Opbouw
1 Tot €11.965 8,324% van het inkomen
2 €11.965 - €25.845 €996 + 31,009% van het meerdere
3 €25.845 - €45.592 €5.300 + 1,950% van het meerdere
4 €45.592 - €132.920 €5.685 - 6,510% van het meerdere (afbouw)

De arbeidskorting bereikt het maximum van €5.685 bij een inkomen rond €45.592. Daarna begint de afbouw: voor elke euro die je boven €45.592 verdient, daalt de arbeidskorting met €0,0651. Bij een inkomen van €132.920 is de arbeidskorting volledig afgebouwd tot nul.

Wil je meer weten over de arbeidskorting? Bekijk onze arbeidskorting calculator voor een gedetailleerde stapsgewijze berekening.

Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK)

De IACK is een heffingskorting voor werkende ouders met minimaal een kind dat op 1 januari van het belastingjaar jonger is dan 12 jaar. Deze korting is bedoeld om de combinatie van werk en zorg financieel aantrekkelijker te maken.

In 2026 gelden de volgende regels voor de IACK:

  • Maximaal bedrag: €3.032
  • Minimaal arbeidsinkomen: €6.239
  • Opbouwpercentage: 11,45% over het inkomen boven €6.239

De IACK bouwt op naarmate je meer verdient. Bij een arbeidsinkomen van €6.239 begint de opbouw: voor elke euro extra ontvang je 11,45 cent IACK. Het maximum van €3.032 wordt bereikt bij een arbeidsinkomen van circa €32.716. Daarboven verandert het bedrag niet meer, er is geen afbouw.

Let op: bij partners met een gezamenlijke huishouding komt de IACK toe aan de partner met het laagste arbeidsinkomen. Alleenstaande ouders kunnen altijd aanspraak maken op de IACK.

Ouderenkorting

De ouderenkorting is beschikbaar voor belastingplichtigen die de AOW-leeftijd hebben bereikt. In 2026 bedraagt het maximum €2.067. Net als de andere kortingen kent de ouderenkorting een afbouwregeling:

  • Bij een verzamelinkomen tot €46.002 ontvang je het volledige bedrag.
  • Boven €46.002 wordt de korting afgebouwd met 15% per euro.
  • Bij een verzamelinkomen van circa €59.782 is de ouderenkorting nihil.

De ouderenkorting compenseert gedeeltelijk het lagere inkomen in de pensioenperiode en is een welkome aanvulling op de lagere belasting die AOW-gerechtigden al betalen doordat ze geen AOW-premie meer afdragen.

Overige heffingskortingen

Naast de bovengenoemde kortingen bestaan er nog enkele specifieke heffingskortingen:

  • Jonggehandicaptenkorting: €923 voor personen die voor hun 17e verjaardag arbeidsongeschikt zijn geworden en een Wajong-uitkering ontvangen.
  • Alleenstaande ouderenkorting: €540 voor alleenstaande AOW-gerechtigden met een inkomen dat recht geeft op een AOW-uitkering voor alleenstaanden.
  • Korting groene beleggingen: 0,7% van het gemiddeld in groen belegde vermogen (maximaal €71.251 per persoon).

Afbouw van heffingskortingen: wat betekent dit?

Een belangrijk kenmerk van het Nederlandse stelsel is dat heffingskortingen worden afgebouwd naarmate het inkomen stijgt. Dit versterkt het progressieve karakter van het belastingstelsel: niet alleen betaal je een hoger tarief over je bovenste euro's, maar je ontvangt ook minder belastingkorting.

De afbouw van de algemene heffingskorting (6,398%) en de arbeidskorting (6,51%) zorgen er samen voor dat je effectieve marginale belastingdruk hoger is dan het schijventarief suggereert. Bij een inkomen rond €50.000 is het gecombineerde effect van het schijventarief plus de afbouw van kortingen circa 50%. Dit wordt ook wel de marginale druk genoemd.

Dit mechanisme is een bewuste beleidskeuze: het zorgt ervoor dat hogere inkomens relatief meer bijdragen, terwijl lagere inkomens maximaal profiteren van de kortingen. Het effect is dat werkenden met een inkomen rond het minimumloon een effectief belastingtarief van slechts 5-10% betalen, terwijl topinkomens effectief circa 40-45% kwijt zijn.

Praktische tips

Hier zijn enkele praktische tips om optimaal gebruik te maken van heffingskortingen:

  • Controleer je loonstrook: je werkgever past de heffingskortingen automatisch toe. Controleer of dit correct gebeurt, met name de loonheffingskorting.
  • IACK bij partners: als je samenwoont of getrouwd bent en kinderen onder 12 hebt, controleer dan welke partner de IACK claimt. Het gaat automatisch naar de minstverdienende partner.
  • Belastingaangifte: via je jaarlijkse belastingaangifte worden de definitieve heffingskortingen berekend. Je kunt soms nog een teruggave ontvangen als je werkgever te weinig kortingen heeft toegepast.
  • Twee banen: heb je twee werkgevers? Dan mag slechts een werkgever de loonheffingskorting toepassen. Anders betaal je te weinig belasting en krijg je een naheffing.

Veelgestelde vragen over heffingskortingen

Gerelateerde berekeningen

Bronnen

Welke kortingen er zijn en voor wie

Iedereen met belastbaar inkomen heeft recht op de algemene heffingskorting, die afbouwt naarmate het inkomen stijgt en bij hoge inkomens volledig verdwijnt. Wie werkt, krijgt daarnaast de arbeidskorting, die eerst oploopt en daarna afbouwt. Werkende ouders met een kind onder de twaalf kunnen de inkomensafhankelijke combinatiekorting krijgen, die met het arbeidsinkomen meegroeit tot een maximum. Wie de AOW-leeftijd heeft bereikt, krijgt de ouderenkorting, en alleenstaande AOW'ers daarbovenop de alleenstaandeouderenkorting.

Daarnaast bestaan kleinere kortingen: de jonggehandicaptenkorting voor wie een Wajong-uitkering heeft, en de korting voor groene beleggingen. De levensloopverlofkorting is uitgefaseerd. Alle kortingen verminderen de te betalen belasting rechtstreeks, niet de grondslag, en dat maakt ze voor lagere inkomens verhoudingsgewijs waardevoller dan een aftrekpost.

Het maximum: nooit meer korting dan belasting

Heffingskortingen zijn niet uitbetaalbaar: zij kunnen de verschuldigde belasting tot nul verlagen maar niet negatief maken. Wie weinig verdient, benut zijn kortingen dus niet volledig. Voor de minstverdienende partner bestond lang een uitzondering, de zogeheten aanrechtsubsidie, waarbij de algemene heffingskorting werd uitbetaald tegen de belasting van de andere partner. Die uitbetaling is in stappen afgebouwd en inmiddels vrijwel verdwenen, behalve voor wie vóór 1963 is geboren.

Dat verklaart waarom het netto voordeel van een kleine deeltijdbaan groter is dan verwacht: de eerste verdiende euro's worden effectief niet belast omdat de algemene heffingskorting de verschuldigde belasting al wegneemt, en de arbeidskorting daar bovenop komt.

Toepassing bij twee inkomstenbronnen

De kortingen mogen bij slechts één inhoudingsplichtige worden verrekend. Wie ze bij twee werkgevers laat toepassen, betaalt structureel te weinig loonbelasting en krijgt een naheffing. Wie ze bij geen enkele laat toepassen, betaalt te veel en krijgt na de aangifte een teruggaaf. Het juiste antwoord is toepassing bij de bron met het hoogste inkomen, omdat daar de korting het meest volledig kan worden benut.

De inkomensafhankelijke combinatiekorting

Deze korting is bedoeld voor werkende ouders met een kind jonger dan twaalf dat op hetzelfde adres staat ingeschreven. Zij geldt voor de minstverdienende partner en voor alleenstaande ouders, en zij bouwt op met het arbeidsinkomen tot een maximum. Onder een inkomensdrempel bestaat geen recht, wat betekent dat een zeer kleine deeltijdbaan de korting niet oplevert.

Bij co-ouderschap kunnen beide ouders recht hebben, mits het kind bij beiden ten minste drie volledige dagen per week verblijft volgens een duurzaam ritme. De inschrijving in de basisregistratie is daarbij niet doorslaggevend, wat deze korting tot een van de weinige maakt waarbij de feitelijke situatie boven de registratie gaat.

Waarom een naheffing ontstaat bij twee inkomens

De loonheffingskorting mag maar bij één werkgever of uitkeringsinstantie worden toegepast. Wie dat bij twee tegelijk laat doen, krijgt de korting dubbel in de maandelijkse berekening terwijl er jaarlijks maar recht op één bestaat, en betaalt het verschil terug bij de aangifte. Het omgekeerde komt vaker voor en kost geen geld maar wel rente: wie de korting bij geen enkele werkgever laat toepassen, betaalt het hele jaar te veel loonheffing en krijgt dat pas na de aangifte terug. Bij twee kleine banen kan ook zonder fout een naheffing volgen, omdat elke werkgever het tarief bepaalt op basis van alleen zijn eigen loon en daardoor in een te lage schijf uitkomt.

Geschreven doorRadif Partners

Uitgever van rekentools en praktische gidsen