Ga naar inhoud

Belastingplan 2026: Alle Wijzigingen op een Rij

Mottalib Radif

Geschreven door Mottalib Radif·MBA INSEAD · Gepassioneerd door Nederlandse financiën

Op Prinsjesdag, 16 september 2025, presenteerde het kabinet het Belastingplan 2026 aan de Tweede Kamer. Na maanden van politiek debat werd het pakket in december definitief aangenomen. De wijzigingen raken vrijwel iedere belastingplichtige in Nederland: van werknemers en ZZP'ers tot gepensioneerden en huiseigenaren.

Hieronder staat een compleet overzicht van de fiscale veranderingen die per 1 januari 2026 van kracht zijn. Wil je direct zien wat het voor jouw portemonnee betekent? Gebruik de bruto-netto calculator met de actuele tarieven van 2026.

Belastingschijven in Box 1

Het stelsel houdt drie schijven in Box 1 (inkomen uit werk en woning). De grenzen en tarieven voor 2026:

Schijf Belastbaar inkomen Tarief 2026 Tarief 2025
1 Tot €38.883 35,75% 35,82%
2 €38.883 – €78.426 37,56% 37,48%
3 Boven €78.426 49,50% 49,50%

Het tarief in de eerste schijf bestaat uit 8,10% inkomstenbelasting en 27,65% premies volksverzekeringen (AOW 17,90%, Anw 0,10%, Wlz 9,65%). Voor AOW-gerechtigden geldt een lager tarief van 17,85% in de eerste schijf, omdat zij geen AOW-premie meer betalen. Bereken je exacte belastingdruk met de belastingschijven calculator.

Heffingskortingen: lichte verschuivingen

De twee centrale heffingskortingen zijn opnieuw vastgesteld:

Korting Maximum 2026 Maximum 2025 Verschil
Algemene heffingskorting €3.115 €3.068 +€47
Arbeidskorting €5.685 €5.599 +€86

De algemene heffingskorting wordt afgebouwd met 6,398% boven een inkomen van €29.736 en bereikt nihil bij €78.427. De arbeidskorting bouwt op in vier stappen, piekt bij €45.592 en wordt vervolgens afgebouwd met 6,51% tot nihil bij €132.920. De precieze bedragen per inkomensniveau zijn door te rekenen via onze heffingskortingen calculator.

Premies volksverzekeringen en Zvw

De premies volksverzekeringen (AOW, Anw, Wlz) blijven samen op 27,65%. De inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw) bedraagt 6,37% voor werkgevers en 4,85% voor zelfstandigen en gepensioneerden. Het maximumbijdrage-inkomen voor de Zvw stijgt naar €75.864. Als ZZP'er betaal je dit percentage over je volledige winst tot aan dit maximum. Reken het na met de ZZP belasting calculator.

Box 2 en Box 3: vermogen en aanmerkelijk belang

In Box 2 (aanmerkelijk belang) gelden twee tarieven: 24,5% over de eerste €67.804 aan dividend en vervreemdingsvoordelen, en 33% over het meerdere. Bij fiscale partners wordt de grens van €67.804 verdubbeld. In Box 3 (sparen en beleggen) geldt een vermogensrendementsheffing van 36% over een forfaitair rendement. Het heffingsvrije vermogen bedraagt €57.684 per persoon (€115.368 voor partners). Bekijk je Box 3-heffing met de Box 3 calculator.

Wijzigingen voor huiseigenaren

Het eigenwoningforfait blijft 0,35% van de WOZ-waarde. De aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld (Hillen-aftrek) wordt verder afgebouwd: in 2026 bedraagt de aftrek nog 83,33% van het verschil. Het maximale aftrektarief voor hypotheekrente daalt naar 36,97%. Lees het volledige artikel over de hypotheekrenteaftrek in 2026 of bereken je maandlasten via de hypotheek calculator.

Gevolgen voor middeninkomens

Een werknemer met een bruto jaarsalaris van €48.000 (modaal) houdt in 2026 circa €3.045 netto per maand over, tegenover €3.020 in 2025 — een voordeel van zo'n €25 per maand. Bij tweemaal modaal (€96.000) is het netto-effect kleiner door de hogere marginale tarieven. Voor de laagste inkomens compenseert de gestegen arbeidskorting een deel van de inflatie.

De precieze impact verschilt per situatie. Factoren als de 30%-regeling, pensioenpremie, toeslagen en persoonlijke aftrekposten spelen mee. Vul je eigen gegevens in via de bruto-netto calculator voor een berekening op maat.

Vooruitblik: wat komt eraan?

Het kabinet heeft aangekondigd de komende jaren het belastingstelsel te willen vereenvoudigen. Concrete plannen zijn er voor het samenvoegen van de eerste en tweede schijf in Box 1, het hervormen van het toeslagenstelsel en het invoeren van een nieuw Box 3-stelsel op basis van werkelijk rendement. De laatste maatregel is al meerdere keren uitgesteld en staat nu gepland voor 2028.

Bronnen: Rijksoverheid, Belastingdienst. Bijgewerkt voor 2026.

Mottalib Radif

Geschreven doorMottalib Radif

MBA INSEAD · Gepassioneerd door Nederlandse financiën